‘Ik heb zoveel meegemaakt, ik zou er wel een boek over kunnen schrijven.’ Herken je jezelf in deze uitspraak? Waar wacht je dan nog op? Met Jilster maak je in een handomdraai een prachtig levenstijdschrift vol met persoonlijke verhalen, gedichten, tekeningen en foto’s door de jaren heen.

Maak je eigen levenstijdschrift

Denken en praten over vroeger doen we allemaal. Iedereen heeft zijn eigen levensverhaal. Ook jij. Ingrijpende gebeurtenissen, vreugdevolle en verdrietige ervaringen, in ieders leven komen ze voor. Ze vormen een schat aan waardevolle herinneringen. Wil je die vastleggen? Voor jezelf, voor de kinderen of de kleinkinderen? In een tijdschrift of boek krijgt jouw verhaal een tastbare vorm. En met een foto van jou als schattige peuter of knappe student(e) op de cover, maak je het plaatje helemaal compleet!

Zelf je levensverhaal schrijven?

Ga je zélf aan de slag met schrijven of laat je je verhaal door iemand anders opschrijven? Wees niet bang om de pen in eigen hand te nemen. Schrijven over je eigen leven kan erg bevrijdend werken. Maar waar te beginnen? Je hebt vast een heleboel te vertellen.

Hier een aantal tips die je alvast op weg helpen:

  1. Maak een schrijfplan
    Je kunt je leven opsplitsen in tijdvakken (de eerste tien jaar, de tweede tien jaar) of thema’s (jeugd, opleiding, sport, relaties, loopbaan). Maak een lijstje met de tijdvakken/thema’s die je aan bod wilt laten komen. Geef onder elk tijdvak of thema de voornaamste onderwerpen weer. En voilà, je schrijfplan is daar!
  2. Wees jezelf
    Jouw levensverhaal laat een persoonlijke kijk zien op de dingen die zijn gebeurd. Maak je niet druk over de vraag of wat je opschrijft in de ogen van anderen ook precies zo is. Schrijf zoals je praat.
  3. Kies het juiste perspectief: ik of hij/zij
    De meeste levensverhalen of autobiografieën worden in de ik-stijl geschreven. Dat is soms even wennen. We vinden het niet netjes onszelf in het middelpunt te plaatsen. Maar een levensverhaal gaat over jou en daarin wordt dat vaak wel van je verwacht.
  4. Schrijf met al je zintuigen
    Je tekst krijgt een nostalgische sfeer als je naast een visuele beschrijving ook minimaal één toespeling op een geur, smaak, aanraking of geluid maakt. Hetzelfde effect kunt je ook bereiken door het gebruik van metaforen en vergelijkingen.
  5. Vermijd lange zinnen
    Tekst heeft een soort ritme. Net als in muziek wordt een lang aangehouden ritme saai. Zorg daarom voor variatie. Werk je naar een spannend moment toe, pas daar dan het ritme met nog kortere zinnen op aan.

Last van writer’s block?

Loop je vast tijdens het schrijven? Dat is helemaal niet erg. Zelfs de beste schrijvers hebben daar soms last van. Je kunt ook hulpmiddelen gebruiken bij het schrijven (foto’s, brieven, gedichten en agenda’s die je hebt bewaard). Het kan ook zinvol zijn om aanvullend gesprekken te voeren met familie, (jeugd)vrienden en/of andere bekenden. Bedenk van tevoren wat je wilt vragen en neem dat vragenlijstje mee. Misschien is het nodig om naar bepaalde plekken af te reizen om de plek te ervaren waar je herinneringen aan hebt. Vaak komen herinneringen dan spontaan op. Omdat dit ook als vervelend of indrukwekkend ervaren kan worden is het soms beter om iemand mee te nemen die je goed kent.

NOG MEER TIPS! Leuke, paginavullende rubrieken kunnen zijn:

  • Fotografeer alle voordeuren of huizen waar je ooit in hebt gewoond en maak een kort ervaringsverhaal bij elk huis waar je hebt gewoond.
  • Verzamel vijf liedjes die ‘de soundtrack van je leven’ vormen. Eventueel schrijf je je verhaal ter ondersteuning en verwerk je de liedjes die van betekenis zijn geweest of die dat moment in je leven het meest typeren.
  • Schrijf het verhaal op in de vorm van ‘een brief aan mijn jongere ik’. Je stelt je voor dat je bijvoorbeeld twintig bent en jezelf een brief schrijft. Wat zou je tegen je jongere zelf zeggen?